Bratislava gaf ons de beste worst-first-impression van onze vijfdaagse kilometervretertrip door de Balkan. Ik zou graag zeggen dat het slechts over de eerste indruk ging, maar dat kan ik niet. Wat te doen in Bratislava?

Ik vergelijk de stad niet zomaar met Polen: toen we van Auschwitz naar Smokovec (Slowakije) reden werden we erg gedeprimeerd door de koude industrialisering van het Poolse landschap; vuil, koud en infrastructuur in verre staat van ontbinding. Het hoogst onaangename, niet-verwelkomende, zelfs verontschuldigende van het landschap. Enkel de weg erdoor is kwalitatief. Gelukkig. Een snelle transit is gewenst.


De adviezen van 4 verschillende mensen dat we niet naar Bratislava moesten komen legden we naast ons neer, schoonheid is er toch voor wie het wil zien, niet?

De receptioniste van het hotel had een vijfde alarmbel kunnen zijn. Op zowel de vragen ‘wat is hier de moeite om te zien, waar kan je hier lekker eten, wat zou jij aanraden, …’ kregen we als antwoord ‘not much, I don’t know’. Dan maar gewoon de stad intrekken en op het gevoel afgaan.

1 uur later was de conclusie: ‘als hier binnen de vier straten niets mooi of interessant is stappen we in de auto en rijden we naar Wenen om daar te gaan eten’. Liever twee uur onderweg dan hier nog een kwartier ronddolen. Alles is gesloten, vuil of verwaarloosd. De mensen guur of versleten. Vrienden sturen ons adviezen via Facebook. ‘Pas op voor de plaatselijke bevolking’. ‘Ga naar Wenen’. ‘Ga naar Budapest’. McDonalds was ongeveer de enige plaats die wat luxe en comfort uitstraalde.

Schreef ik net dat schoonheid er is voor wie het wil zien, dan dwingt Bratislava ons tot het uiterste. Onze wandelroute werd deels bepaald door de lijfgeur van de straten. Het oude stadscentrum blijkt goed verstopt tussen de legoblokkendozen appartementsgebouwen. De Luchtbal van het communisme. Maar er zijn pareltjes voor wie de tijd neemt om te kijken. Sommige straatjes doen ons denken aan Parijs, Wenen, Praag. Het zijn er welgeteld 3, volgepakt met souvenirwinkeltjes en hip bedoelde bars.


Onze sympathie neemt toe, wetende dat Bratislava een speelbal van de geschiedenis is geweest. Er zijn hier enkele ‘hard returns’ geweest die hun sporen achterlaten. En we voelen zelfs de aanzet van een vrij, creatief ‘community-gevoel’. Oh, en er is ook een kasteel dat op een omgekeerde tafel lijkt, de plaatselijke trots.

We wandelen vanuit dit kleine stukje ‘aangenaam’ naar het toppunt van communistisch opgebouwd beton. Een lange brug, met op het uiteinde een toren waar een UFO op geland lijkt. 95 meter beton torent boven ‘die graue Donau’ uit. ‘Rot’, merkt Jelle terecht op.

We besluiten toch omhoog te gaan, waar ook een restaurant blijkt te zijn, toepasselijkerwijs ‘UFO’ genaamd. Geheel tegen onze verwachtingen in blijkt het luxueus (en prijzig) te zijn, maar we beslissen het erop te wagen, lang eten met uitzicht op de gehele stad, vanuit de hoogte, lijkt ons de best mogelijke avondbesteding. We worden vergast op verrassend hoogstaande (no pun intended) keuken. De stad kleurt zacht-paars, plooit zich naar de sfeervolle verlichting in het restaurant. We duwen de vriendschap even op het voorplan, en laten het reisgedeelte voor wat het is. Vanavond eten en drinken we en morgen vertrekken we snel richting huis. Soms ook heimwee voelt misschien wel als ‘echt wel heimwee’.


Als ik advies mag geven, bekijk Bratislava als een verkeerde afslag op een interessante route. Ik voel een sympathie die eerder ‘medeleven’ is. Ik ben blij dat ik hier vertrek. En ik denk niet dat ik hier nog passeer. Ook niet meer per ongeluk.

Wat was er wel de moeite deze road trip?

(Dankjewel Robin voor de woorden, Jelle voor de foto’s)

Welke Europese citytrips vind ik dan wel fijn?

What's your reaction?
0Like0Star0Boo
Show CommentsClose Comments

5 Comments

Leave a comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.